| Psyche & idiotie| 28 november 2025|

Wikke krijgt haar leven maar niet op orde

Wikke is een chaoot. Niet zo eentje als in de filmische versie die met een glimlach wordt aangestaard, maar de echte soort die van een simpele taak, een domino-effect van kleine rampjes maakt. En precies in die alledaagse chaos blijkt haar leven soms hilarischer en menselijker dan welke romantische komedie ook.

In romantische films komt ze vaak voor: de lekker gekke, charmant chaotische vrouw. Ze struikelt, verliest haar sleutels, komt hijgend te laat op haar date met een stuk toiletpapier aan haar hak — en tóch vindt Hugh Grant haar onweerstaanbaar. Ze is een warhoofd met een gouden hart, een tornado in een jurk, de menselijke versie van een openstaande keukenkast.

Maar in het echte leven heet diezelfde vrouw gewoon onhandig, ongeorganiseerd en vermoeiend. Vooral als ze vijftig is: je komt er niet meer mee weg. Dan verandert chaos van ‘schattig’ in gezucht, opgetrokken wenkbrauwen, zwijgende veroordeling of, op zijn best, het stempel ‘excentriek’.

In mijn studententijd leefde ik op diepvriespizza’s en ontweek alles wat naar rust, reinheid of regelmaat rook. Schoonmaken? Nee, vies is lekker bohemienne. Op tijd komen? Burgerlijk. Mijn dagen stonden in het teken van halfdronken filosoferen over de gebreken van de maatschappij en achter onbereikbare mannen aanjagen. Toen werd ik verliefd op een uiterst georganiseerde man. Hij redde me van mijn chaos, creëerde een huishouden waarin de was werd gedaan, de keuken schoon was en ik af en toe zelfs een bloem kon neerzetten.

Vijftien jaar later scheidden we. En nu woon ik alweer veertien jaar alleen. De boemerang van mijn chaos kwam keihard terug. Want schattig als je student bent, maar met drie kinderen die hun eigen agenda hebben, wordt een chaotisch leven ineens een dagelijkse survivalcursus.

Ik probeer het. Echt. Een vrouw te zijn die haar leven op orde heeft. Dus begin ik elke paar maanden op een vrije dag met hernieuwde moed aan het opruimen van mijn kledingkast. Maar nog voordat ik een beslissing kan nemen over dat ene té krappe jurkje, zie ik een paar schoenen dat dringend gepoetst moet worden — want morgen moet ik ze dragen, punt. Onderweg naar de keukenkast waar de schoenpoets staat, zie ik de modderpoten van de hond. Tijd om te stofzuigen. Maar de stofzuiger zuigt niet meer. Paniek. Tijd voor een nieuwe.
Ik open de website van de elektronicawinkel, scroll te lang, en zie dan een mail van een collega over een afspraak die ik helemaal vergeten ben. Stressniveau: maximaal. Troost? Chocola. Maar er ligt alleen een lege verpakking in de kast. Bestellen bij Flink? Misschien, maar hoor ik dan de bel, als ik met mijn kop in de kledingkast zit? Ach, ik loop wel even naar de winkel. O ja, meteen boodschappen doen voor vanavond. Wie eten er eigenlijk mee? Even mijn dochter bellen — haar vriendje eet halal, geen pasta met chorizo dus. Pasta? Had ik die nog? Vergeten te checken. In de winkel koop ik voor de zekerheid toch een pak extra.

Aan het eind van de dag kom ik thuis met drie bakjes boter, het zevende pak pasta voor in mijn voorraadkast, geen chocola en geen wc-papier. Wel drie hele leuke kleurrijke schaaltjes uit de kringloopwinkel, in een formaat waarin niks past, waar ik de olijven in kan doen die ik vergeten ben te kopen. Kledingkast? Achtergelaten met de helft van de inhoud op de vloer. Schoenen? Onbehandeld. Hond? Niet uitgelaten. Stofzuiger? Online besteld, nog niet geleverd.
Ik kijk om me heen, zie chaos in elke hoek, en weet niet of ik moet lachten of huilen. Want dit, dit is mijn leven: één simpele taak beginnen, en een mini-Apocalyps veroorzaken.

Als ik een film was, was ik de gezellige chaoot — het charmante laissez-faire-type dat voortdurend haar telefoon verliest, te laat komt, of juist veel te vroeg, omdat ze dacht dat het half negen was in plaats van half tien. Maar ik bén geen film. Ik ben een vrouw van in de vijftig, en ik word elke dag opnieuw geconfronteerd met mijn eigen chaos. In films eindigt mijn verstrooidheid met een romantische kus in de regen. In het echte leven? Een boze mail van school, een lege koelkast, een derde aanmaning van de energieleverancier en een was die ruikt naar mislukte volwassenheid.

De charmante chaoot is leuk zolang ze anderhalf uur duurt. Ik moet dag in, dag uit met mezelf leven. En anderen ook.

Maar hé — ik heb tenminste altijd minimaal zeven pakken ongeopende pasta over de datum in huis. En daar kun je, met een beetje fantasie, best een creatief leven op bouwen. Zelfs zonder Hugh Grant.

Tekst: Wikke Peters

| 28 november 2025| Psyche & idiotie|

Wikke krijgt haar leven maar niet op orde

Wikke is een chaoot. Niet zo eentje als in de filmische versie die met een glimlach wordt aangestaard, maar de echte soort die van een simpele taak, een domino-effect van kleine rampjes maakt. En precies in die alledaagse chaos blijkt haar leven soms hilarischer en menselijker dan welke romantische komedie ook.

In romantische films komt ze vaak voor: de lekker gekke, charmant chaotische vrouw. Ze struikelt, verliest haar sleutels, komt hijgend te laat op haar date met een stuk toiletpapier aan haar hak — en tóch vindt Hugh Grant haar onweerstaanbaar. Ze is een warhoofd met een gouden hart, een tornado in een jurk, de menselijke versie van een openstaande keukenkast.

Maar in het echte leven heet diezelfde vrouw gewoon onhandig, ongeorganiseerd en vermoeiend. Vooral als ze vijftig is: je komt er niet meer mee weg. Dan verandert chaos van ‘schattig’ in gezucht, opgetrokken wenkbrauwen, zwijgende veroordeling of, op zijn best, het stempel ‘excentriek’.

In mijn studententijd leefde ik op diepvriespizza’s en ontweek alles wat naar rust, reinheid of regelmaat rook. Schoonmaken? Nee, vies is lekker bohemienne. Op tijd komen? Burgerlijk. Mijn dagen stonden in het teken van halfdronken filosoferen over de gebreken van de maatschappij en achter onbereikbare mannen aanjagen. Toen werd ik verliefd op een uiterst georganiseerde man. Hij redde me van mijn chaos, creëerde een huishouden waarin de was werd gedaan, de keuken schoon was en ik af en toe zelfs een bloem kon neerzetten.

Vijftien jaar later scheidden we. En nu woon ik alweer veertien jaar alleen. De boemerang van mijn chaos kwam keihard terug. Want schattig als je student bent, maar met drie kinderen die hun eigen agenda hebben, wordt een chaotisch leven ineens een dagelijkse survivalcursus.

Ik probeer het. Echt. Een vrouw te zijn die haar leven op orde heeft. Dus begin ik elke paar maanden op een vrije dag met hernieuwde moed aan het opruimen van mijn kledingkast. Maar nog voordat ik een beslissing kan nemen over dat ene té krappe jurkje, zie ik een paar schoenen dat dringend gepoetst moet worden — want morgen moet ik ze dragen, punt. Onderweg naar de keukenkast waar de schoenpoets staat, zie ik de modderpoten van de hond. Tijd om te stofzuigen. Maar de stofzuiger zuigt niet meer. Paniek. Tijd voor een nieuwe.
Ik open de website van de elektronicawinkel, scroll te lang, en zie dan een mail van een collega over een afspraak die ik helemaal vergeten ben. Stressniveau: maximaal. Troost? Chocola. Maar er ligt alleen een lege verpakking in de kast. Bestellen bij Flink? Misschien, maar hoor ik dan de bel, als ik met mijn kop in de kledingkast zit? Ach, ik loop wel even naar de winkel. O ja, meteen boodschappen doen voor vanavond. Wie eten er eigenlijk mee? Even mijn dochter bellen — haar vriendje eet halal, geen pasta met chorizo dus. Pasta? Had ik die nog? Vergeten te checken. In de winkel koop ik voor de zekerheid toch een pak extra.

Aan het eind van de dag kom ik thuis met drie bakjes boter, het zevende pak pasta voor in mijn voorraadkast, geen chocola en geen wc-papier. Wel drie hele leuke kleurrijke schaaltjes uit de kringloopwinkel, in een formaat waarin niks past, waar ik de olijven in kan doen die ik vergeten ben te kopen. Kledingkast? Achtergelaten met de helft van de inhoud op de vloer. Schoenen? Onbehandeld. Hond? Niet uitgelaten. Stofzuiger? Online besteld, nog niet geleverd.
Ik kijk om me heen, zie chaos in elke hoek, en weet niet of ik moet lachten of huilen. Want dit, dit is mijn leven: één simpele taak beginnen, en een mini-Apocalyps veroorzaken.

Als ik een film was, was ik de gezellige chaoot — het charmante laissez-faire-type dat voortdurend haar telefoon verliest, te laat komt, of juist veel te vroeg, omdat ze dacht dat het half negen was in plaats van half tien. Maar ik bén geen film. Ik ben een vrouw van in de vijftig, en ik word elke dag opnieuw geconfronteerd met mijn eigen chaos. In films eindigt mijn verstrooidheid met een romantische kus in de regen. In het echte leven? Een boze mail van school, een lege koelkast, een derde aanmaning van de energieleverancier en een was die ruikt naar mislukte volwassenheid.

De charmante chaoot is leuk zolang ze anderhalf uur duurt. Ik moet dag in, dag uit met mezelf leven. En anderen ook.

Maar hé — ik heb tenminste altijd minimaal zeven pakken ongeopende pasta over de datum in huis. En daar kun je, met een beetje fantasie, best een creatief leven op bouwen. Zelfs zonder Hugh Grant.

Tekst: Wikke Peters