Wat, heb je nou nog geen man?

-

Ze zijn om te wurgen, al die goedbedoelende mensen die je een vaste relatie toewensen. Alsof je als single depressief zit te wachten op een prins die je op een wit paard hijst. Yvanka (49) verzoekt haar moeder, vriendinnen en collega’s dan ook vriendelijk maar beslist op te houden met dat stomme gedoe.

“Ik heb iets heel leuks voor je.” De ogen van mijn vriendin glimmen van de voorpret. “Jij gaat dit fantastisch vinden,” jubelt ze verder. “Dat weet ik gewoon zeker, het is helemaal jouw type.” Mijn nieuwsgierigheid zakt als een chipolatapudding in elkaar, het is weer zover.

“Die leuke buurman van tegenover ons,” gaat ze verder. “Die sportieve weet je wel, Joost, met die grote hond en die vrouw met dat moeilijke haar.” Ik knik, geen idee over wie ze het heeft.

“Die is sinds kort vrijgezel!” ze gilt het bijna uit.

“Weduwnaar,” verbetert een andere vriendin die net is aangeschoven en kennelijk ook op de hoogte is van het heugelijke nieuws. “Die vrouw met dat moeilijke haar is net overleden.”

“Vrijgezel, weduwnaar, peteto, petato,” wuift de enthousiaste vriendin weg. “Het komt erop neer dat hij beschikbaar is voor Yvanka, en daar gaat het om.”

“Heel attent van je,” zeg ik. “Maar ik ben niet op zoek en …”

“Hoeft niet meteen,” valt ze me snel in de rede. “Maar wacht niet te lang, leuke mannen zijn zo van de markt. Dat weet jij als geen ander, anders was je niet nog steeds single.”

“Ik ben single omdat ik het fijn vind single te zijn,” zeg ik lichtelijk geïrriteerd.

“Ja ja, we kennen dat verhaal: ik ben gelukkig en hoef geen man, maar dat is natuurlijk onzin. Natuurlijk wil jij een man. Bovendien is het bijna kerst.

Het aantal singles in ons land groeit snel. In steden als Amsterdam en Rotterdam woont al iets minder dan de helft van de inwoners alleen én heeft geen liefdesrelatie. Volgens het CBS zijn er op dit moment 1,8 miljoen alleenstaande vrouwen. Als we mijn vriendinnen mogen geloven, zitten deze singles allemaal alleen en depressief thuis, te wachten op een man of vrouw om hun leven mee te delen. Ook als ze zeggen van niet. De gedachte dat ‘geen partner’ gelijkstaat aan ‘incompleet’ zit stevig gebakken in ons systeem. Zodra je vrijgezel wordt, kom je daar razendsnel achter. Maar niet meteen.

Wie net single is, wordt in het begin geacht verjaardagen en feestjes op te vrolijken met smeuïge anekdotes over het vrijgezelle bestaan. Meestal komen de vragen als een groepsgesprek even stilvalt of de stemming wel een boost kan gebruiken. “Vertel eens,” begint dan iemand tegen de aanwezige single. “Hoe is dat nou, dat datingleven?” Het is dan niet de bedoeling dat je saaie dingen zegt als ‘ik date eigenlijk zelden’. Dat is voor de aanwezige gasten met een relatie namelijk supersaai. Jouw plicht is hun leven opvrolijken met rampzalige datingverhalen.

Wat óók niet de bedoeling is, als je net vrijgezel bent, is dat je meteen weer in een nieuwe relatie stapt. Dat zou een domper zijn op de feestvreugde, je omgeving heeft recht op minimaal een half jaar meekijken op tinderprofielen en de sappige details van mislukte afspraakjes.

Als je al wat langer single bent, verandert de houding van je omgeving. Iedereen wil nog steeds alles weten over je liefdesleven, maar je wordt geacht een fundamenteel ander antwoord te geven. Wilde datingverhalen zijn leuk maar aan die gekkigheid dient wel een eind te komen. Je wil namelijk niet alleen eindigen, of wel soms? De fase waarin we nu zijn beland is de relatiefase, het is tijd voor vaste verkering. Althans, dat vinden de mensen om je heen.

Zelf was ik na een jaar daten wel klaar met het hele fenomeen. Ik vond het vermoeiend, onoverzichtelijk en het aanbod veel te groot waardoor je voortdurend het gevoel had dat ‘je misschien beter nog even verder kon kijken’. Daarbij was m’n huis inmiddels grotendeels roze geschilderd, en merkte ik dat leven in m’n uppie me bijzonder goed begon te bevallen. Dit alles resulteerde allerminst in een wens tot vaste verkering. Sterker nog, het vinden van een nieuwe partner was ongemerkt naar de lijst verschoven van dingen die nog moeten maar waar je geen zin in hebt. Ergens tussen schuur opruimen, fotoalbums maken en de gevel schilderen, prijkte opeens ook ‘man regelen’. Het zag er niet naar uit dat ik hier tijd voor vrij ging maken. Toen ik deze verschuiving uitlegde aan vrienden en kennissen keken ze me zonder uitzondering meewarig aan. Ja ja, zeiden ze dan waarna een stilte viel. Om vervolgens te proberen het ‘echte verhaal’ boven tafel te krijgen door situaties op te noemen waarvan ze zelf dachten dat die heel moeilijk zijn zonder partner. “Maar heb je dan niet af en toe zoiets van: best eenzaam zo alleen op de bank op zaterdagavond?”

“Wat ik ook veel hoor,” vertelt een single vriend. “Dat is: wat doe je eigenlijk om iemand te ontmoeten? Of nog erger: ben je niet te kieskeurig? Het eerste impliceert dat je wel wíl maar je best niet doet. Dit vreselijke lot, dit helse vrijgezellenbestaan, heb je daardoor eigenlijk aan jezelf te danken. Het tweede is natuurlijk een heel terecht punt. Ik vind singles die kritisch zijn op hun partnerkeuze ook heel raar. Beter grijp je random iemand van de straat, dan heb je tenminste iets. Beter iets dan niets, natuurlijk.”

Er zijn ook altijd mensen die ‘er niet aan moeten denken om te daten’. Zodra iemand begint over datingapps en profielen, gillen die types dat zij voor geen goud een profiel aan zouden maken. Maak echter niet de fout te denken dat je bij dit type steun zult vinden voor je vrijgezellenbestaan. Ze geloven dan misschien niet in Tinder, ze geloven wel in de noodzaak van een wederhelft. Hun heilige overtuiging is dat er genoeg aanbod is om uit te putten. Iedere ex wordt heroverwogen. “En die ene blonde dan? Die Pieter? Die was toch niet zo erg? Ja, hij was wat labiel maar misschien nu toch, achteraf …?”

Als alle ongevraagde tips de revue gepasseerd zijn, is er altijd nog iemand die jou een hart onder de riem wil steken. Bijvoorbeeld door zich hardop te af te vragen hoe het in hemelsnaam mogelijk is dat ‘iemand zoals jij nog geen man heeft’. Deze vraag, waarschijnlijk heel lief bedoelt, klinkt als: geef mij nou eens een verklaring voor dit mysterie. Want je lijkt een heel leuk iemand maar dat ben je kennelijk niet. Anders had je wel een man. Dus vertel eens over de verborgen problematiek van jouw moeilijke karakter.

Ongetwijfeld ook troostend bedoeld is de juist-als-dan-theorie. “Juist als je niet zoekt,” zegt een wijze buurvrouw of totaal onbekende op een feestje, “dan kom je iemand tegen. Let maar op.” Deze stelling wordt meestal onderbouwd met: “Ik ken iemand die jaren tevergeefs zocht, en toen ineens, bam, stond de ware voor haar neus.” Met dit voorbeeld is de redenering ineens wetenschappelijk bewezen.

Terug naar de echte wetenschappers: hoe komt het eigenlijk dat zoveel vrouwen single zijn? Het aantal vrijgezellen schijnt te groeien omdat we steeds ouder worden, sneller scheiden dan in vorige eeuwen, en vaker bewust kiezen voor een leven alleen, stelt hoogleraar sociale demografie Jan Latten. Volgens Latten is in 2050 de helft van de Nederlanders alleenstaand. Dat het grootste deel daarvan vrouw zal zijn heeft er vooral mee te maken dat vrouwen hun echtgenoten vaak overleven. Het verhaal dat al deze singles ongelukkig zouden zijn, is grote onzin. Onderzoek wijst al jaren uit dat verreweg de meeste singles zich even gelukkig voelen als mensen in een relatie, zegt Van Voorst. Sterker nog: ze blijken vaak zelfs gelukkiger dan mensen met een vaste partner. Niet zo gek: singles zonder thuiswonende kinderen hebben veel meer tijd voor zichzelf en vriendschappen.

Dat we desondanks een relatie zien als het hoogst haalbare, komt deels door de dingen die we van jongs af aan zien, lezen en horen, zegt de Amerikaanse socioloog Eric Klinenberg die het boek Going solo schreef. In sprookjes, kinderboeken en Disneyfilms gaat het meestal over twee eenzame mensen die na veel misverstanden en drama’s uiteindelijk hun prins/prinses vinden en nog lang en gelukkig leven. Daarnaast leven ouders en grootouders vaak nog in koppels. Dat gaat rigoureus veranderen, voorspelt Klinenberg.

Er komen dus betere tijden aan voor de single. Over een jaar of tien is Sneeuwwitje een gelukkige single die soms spannende seks heeft met een dwerg of een romantische date met een prins, maar geen zin die om te zetten naar een vaste relatie. Daarvoor vindt ze haar vrije leven te aantrekkelijk.

En wat moeten we in de tussentijd met de goedbedoelde maar vastgeroeste ideeën van onze omgeving? Want goedbedoeld is het zeker. “Maak je geen zorgen, jij vindt uiteindelijk wel iemand,” zei een collega vorige week nog tegen me. Dankjewel wijs orakel voor deze geruststelling, wilde ik terugzeggen. Er zijn dus mensen die hoop voor je houden, godzijdank. Iemand die ook altijd hoop houdt is mijn moeder. Ieder jaar, vlak voor kerst, vraagt ze voor de zekerheid: “Vier bordjes of …” Alsof ik op 25 december ineens met een vent op de proppen zou komen.

“Maar we gunnen het je zo,” protesteerden een vriendin vorig weekend toen ik weer eens tierde over het feit dat ze maar door blijven gaan over daten en ‘die en die is leuk voor jou’.

“Het is echt niet dat we je niet geloven als je zegt dat je gelukkig bent in je eentje, we denken alleen dat je gelukkiger zou zijn met iemand samen,” hield ze vol.

“Ik denk dat jij veel gelukkiger zou zijn als duivenmelker dan als fysiotherapeut,” sneerde ik. “En jij,” zei ik tegen een vriendin die belangstellend luisterde, “jij moet weg uit die nieuwbouwwijk. Een jarendertigwoning, dáár word jij gelukkig van.”

“Doe maar rustig, Johan Derksen,” zei de vriendin van de beschikbare overbuurman. “We snappen je punt.” Hè hè, eindelijk begrip. “Bovendien heeft Joost toch nog even de tijd nodig om het overlijden van zijn vrouw te verwerken,” vervolgde ze. “Over een paar maanden geef ik hem wel je nummer.”

Dit artikel verscheen eerder in Saar Magazine, het leukste blad voor 50+ vrouwen. Saar is een onafhankelijk blad, alles is gemaakt door en voor 50+ vrouwen. We hebben geen glimmend hoofdkantoor, geen mannen in pak die zeggen wat we moeten doen: gewoon een stel leuke vrouwelijke journalisten en bladenmakers, die wel 50 zijn, maar nog lang niet oud.

Meer weten? Klik dan hier.

 

Redactie
Redactie
De redactie van Saar bestaat uit een heel professioneel en toch gezellige groep van vrouwen rond de 50 & 60, plus een paar superleuke meiden van rond de 30 die wel alles weten van de nieuwste trends, techniek & social (en trouwens zo langzamerhand ook (bijna) alles van 50+ zijn).

RECENTE ARTIKELEN